
Op 13 maart is em. professor Ed Nozeman op 82-jarige leeftijd overleden. Hij was in vele opzichten een uniek wetenschapper die een grote bijdrage aan het vakgebied heeft geleverd. Maar bovenal was hij aimabel en integer persoon.
Unieke onderzoeker
Als iemand een brug tussen wetenschap en praktijk heeft geslagen dan is dat Ed Nozeman wel. Zijn jonge jaren stonden in dienst van de wetenschap. Zestien jaar was hij universitair hoofddocent planologie aan de UvA. Daarna klopte MBO, het later ING Real Estate Development op zijn deur en gaf hij ook weer zestien jaar leiding aan hun onderzoeksteam. Die ervaring in zowel de wetenschap als in de praktijk leidde in 2000 tot zijn benoeming als bijzonder hoogleraar vastgoedontwikkeling aan de rijksuniversiteit Groningen en een gasthoogleraarschap bij de Amsterdam School of Real Estate. Weinigen binnen de universitaire muren hadden zoveel praktijkervaring als Ed en weinig praktijkonderzoekers konden bogen op zo’n stevige academische basis. Dat maakt hem letterlijk en figuurlijk een bijzonder(e) hoogleraar.
Wetenschapper bij grootste ontwikkelaar
Bij ING RED heeft hij de opkomst en ondergang van werelds grootste ontwikkelaar en assetmanager van nabij meegemaakt. Vlak na zijn indiensttreding zei hij nog dat hij even moest ontdekken wat ze precies van hem wilden horen. Maar toen dat eenmaal duidelijk was schakelde hij door naar een enorme productie van onderzoeksrapporten. Hij noemde het zelf, in zijn kenmerkende bescheidenheid, marktonderzoek. Maar feitelijk ging een project bij ING alleen door als hij groen licht had gegeven.
Die functie bij ING maakte hem een nog grotere wereldreiziger dan hij al was. Vele steden heeft hij bezocht en grondig bestudeerd. Op die reizen gingen zijn collega-projectontwikkelaars aan het eind van de dag gezellig de betreffende stad verkennen. Maar Ed ging na een diner terug naar het hotel om verder te werken. Dat tekende niet alleen zijn oerdegelijke werkwijze, maar ook zijn nieuwsgierigheid. Als geograaf wilde hij doorgronden hoe de lokale markten en levenswijze in elkaar staken.
Hoogleraar in Groningen
In 2000 werd Ed bijzonder hoogleraar vastgoedontwikkeling aan de RUG. Daar kwam hij goed tot zijn recht als wetenschapper die studenten ook kon vertellen hoe het er in de complexe praktijk van gebieds- en vastgoedontwikkeling aan toe ging. Dat is hij na zijn pensionering nog zeventien jaar blijven doen, als emeritus-hoogleraar. Tot op de dag van zijn overlijden maakte hij elke donderdag de lange treinreis naar Groningen. Hij is veruit de oudste hoogleraar die ooit op de loonlijst van de RUG heeft gestaan met als resultaat dat de RUG de hofleverancier van jong talent in de sector is geworden.
Voorzitter VOGON
Tussen 1998 en 2005 was Ed voorzitter van de VOGON. In zijn periode transformeerde het clubblad VOGON-journaal naar het volwassen wetenschappelijk tijdschrift RERQ. Indertijd is die professionaliseringsslag samen met PropertyNL gemaakt. Maar de inhoudelijke onafhankelijkheid werd door Ed scherp bewaakt.
Lange derde carrière
Naast zijn hoogleraarschap in Groningen was Ed ook gasthoogleraar bij de ASRE. Na zijn pensionering bij ING in 2005 werd hij Honory Fellow van dit instituut. Ed was veel te bescheiden om met deze meer dan verdiende titel te pronken. Ook had hij niets met pensionering. Sterker nog, de combinatie RUG en ASRE werd de langste periode in zijn carrière. Tot op het laatst, op 82-jarige leeftijd, was hij elke vrijdag bij de ASRE. Meestal als eerste in de ochtend. Bijzonder was zijn werklust op de lange dagen die hij maakte. Hij had het vermogen om een hele dag scherp te blijven. Waar anderen op een lange werkdag weleens wegzakten, bleef hij scherp. Ik heb vaak met hem in de jury van een scriptieprijs gezeten. Hij las alle genomineerde scripties van A-Z, hoewel die vaak maar een paar dagen voor de buluitreiking beschikbaar kwamen. En hij haalde er elk foutje of omissie uit. Ook taalfouten, waar hij zich erg aan kon ergeren. Zijn medejuryleden was hij de baas in degelijkheid.
Grote betekenis voor de Vastgoedkunde
Zijn bijdrage aan het vakgebied is enorm geweest. Te veel om op te noemen. Het bekendst is hij als auteur van het handboek projectontwikkeling. Naast verplicht studiemateriaal was dat ook een naslagwerk voor professionals. Zelfs ervaren ontwikkelaars zagen vanwege de complexe processen en de multidisciplinaire vraagstukken soms door de bomen het bos niet meer. Het handboek bood hun houvast. Nu is de inhoud van Ed’s handboek standaardkennis voor elke professional, maar indertijd was hij de eerste die een duidelijke samenhang wist te beschrijven in een versnipperd vakgebied.
Minder opvallend, maar niet minder groot was zijn invloed op de professionalisering van het vakgebied door het begeleiden van vele honderden scripties. Vooral die van postacademische studenten van de ASRE. Hij daagde hen uit hun al ruime kennis te verdiepen en de data en ervaringen van hun werkgever te benutten. Als geboren wetenschapper moest dat wel op grondig onderzoek worden gebaseerd. Veel van die oude scripties bevatten nuttige kennis en inzichten voor concullega’s waardoor juist scripties het vak weer een stapje verder brachten.
Ethiek en integriteit
Het laatste onderzoek van Ed bij de ASRE heeft als passende titel ‘Over dilemma’s gesproken, een verkenning van integriteitsdilemma’s in de vastgoedsector’.
Niets lag dichter bij zijn persoonlijkheid dan dit vraagstuk. Hij was ook de aangewezen persoon om dit onderzoek uit te voeren. Voor dit onderzoek heeft hij 35 beslissers in de sector geïnterviewd. Door zijn bescheidenheid kreeg hij meer te horen dan je redelijkerwijs kon verwachten. De geïnterviewden wisten dat hun informatie bij hem goede handen was. Buiten twijfel stond dat hij hier objectief en integer mee om zou gaan. Iedereen die hem kende, wist dat hij geen sensatie, eer of glorie zocht. Zijn drijfveer was het vakgebied met nieuw onderwijsmateriaal over ethische dilemma’s een beetje integerder te maken. Gelukkig kon hij vlak voor zijn overlijden dit onderzoek nog afronden. Binnenkort brengt de ASRE dit rapport uit.
Bovenal een aimabel mens
Met zijn overlijden verliezen we een betrokken en oprecht mens. Zonder uitzondering was hij een prettige collega voor iedereen met wie hij heeft gewerkt. En hij was een kritische, maar altijd correcte begeleider van studenten. Kritiek van hem werd altijd geaccepteerd doordat het immer goed was onderbouwd.
Leo Uittenbogaard
