Tag Archief van: vastgoedonderzoek

De redactie van het digitale kwartaalblad Real Estate Research Quarterly heeft alle artikelen uit de jaargang 2025 gebundeld in de fysieke Jaarbundel 2025. Het gebonden boekwerk is in week 12 toegestuurd aan leden en sponsoren van de vereniging.

De Jaarbundel 2025 telt 114 pagina’s en is ook in een digitale versie verschenen.

Over RERQ

Real Estate Research Quarterly (RERQ) signaleert als kwartaaltijdschrift van de VOGON actuele kennis die relevant is voor de vastgoedsector. Wetenschappelijke inzichten worden vertaald naar aanbevelingen voor commerciële vastgoedpartijen, overheden, maatschappelijke instellingen en vastgoedopleidingen. RERQ biedt een podium voor analyses en discussies die kunnen bijdragen aan de verdere ontwikkeling van de vastgoedsector. Het redactieteam bestaat uit onderzoekers en docenten verbonden aan universiteiten in Nederland en een vertegenwoordiging uit de vastgoedsector.

Over VOGON

De Vereniging van Onroerendgoed Onderzoekers Nederland is het grootste – en enige – netwerk van vastgoedonderzoekers. VOGON stimuleert de verdieping en uitwisseling van kennis op het gebied van de economische analyse van onroerend goed. Hiertoe organiseert VOGON sinds 1991 evenementen om betrokkenen in het vastgoed bijeen te brengen en wordt gedegen onderzoek gepubliceerd in het tijdschrift Real Estate Research Quarterly.

Doorstroming op de woningmarkt is essentieel, maar het blijkt in de praktijk weerbarstig – vooral onder ouderen. Dr. Cindy Biesenbeek, beleidseconoom bij De Nederlandsche Bank, onderzoekt het gedrag van huishoudens en hun voorkeuren op de woningmarkt. “Mijn onderzoek gaat over doorstroming op de woningmarkt. Ik kijk naar de bewegingen van mensen tussen sociale huur, middenhuur, dure huur en koopwoningen – en hoe dat in de tijd verandert.”

Biesenbeek was één van de sprekers tijdens het symposium van de Vereniging van Onroerend Goed Onderzoekers Nederland (VOGON) op 10 april 2025 in Rotterdam. In haar onderzoek neemt Biesenbeek ook specifiek ouderen onder de loep en dan vooral degenen die in een relatief grote woning wonen. “Het is belangrijk om naar deze groep te kijken, omdat hun woonvoorkeuren veranderen: bijvoorbeeld door hun behoefte aan meer zorg of een gelijkvloerse woning. Maar dan moet er wel ruimte zijn om daadwerkelijk te kunnen verhuizen.”

Die ruimte wordt nog onvoldoende benut, blijkt uit de voorlopige bevindingen. “Eén van de dingen die we zien, is dat ouderen niet zo vaak verhuizen. Dat wisten we al enigszins, maar dit onderzoek bevestigt dat beeld opnieuw.” Juist die beperkte verhuisgeneigdheid maakt het lastig om doorstroming in de woningmarkt op gang te krijgen.

Herverdeling bestaande woningen

Want terwijl er onvoldoende nieuwe woningen worden bijgebouwd, is herverdeling van bestaande woonruimte een alternatief waar veel hoop op wordt gevestigd. “Iedereen hoopt dat ouderen bereid zijn om kleiner te gaan wonen. Dat zou een keten van verhuisbewegingen op gang brengen, die uiteindelijk ook jonge gezinnen ten goede komt.”

Hoe ouder, hoe meer geworteld

Toch blijkt leeftijd een belangrijke factor in de bereidheid om te verhuizen. Hoe ouder mensen worden, hoe kleiner de kans dat ze nog een verhuizing overwegen. “Dat geldt niet alleen voor ouderen in grote woningen. Hoe langer je in een regio woont, hoe meer gehecht je raakt aan je woning – en dat maakt verhuizen moeilijker.”

VOGON-symposium 2025

Andere sprekers bij het symposium waren demograaf prof. dr. Ruben van Gaalen van het CBS en senior econoom dr. Carola de Groot van Rabobank. De VOGON Research Award voor het beste RERQ-artikel ging dit jaar naar portfoliomanager Dewi Anakram van Amvest.

De redactie van het digitale kwartaalblad Real Estate Research Quarterly heeft alle artikelen uit de jaargang 2024 gebundeld in de fysieke Jaarbundel 2024. Het gebonden boekwerk is in week 15 toegestuurd aan leden en sponsoren van de vereniging.

De Jaarbundel 2024 telt 144 pagina’s en is ook in een digitale versie verschenen.

Over RERQ

Real Estate Research Quarterly (RERQ) signaleert als kwartaaltijdschrift van de VOGON actuele kennis die relevant is voor de vastgoedsector. Wetenschappelijke inzichten worden vertaald naar aanbevelingen voor commerciële vastgoedpartijen, overheden, maatschappelijke instellingen en vastgoedopleidingen. RERQ biedt een podium voor analyses en discussies die kunnen bijdragen aan de verdere ontwikkeling van de vastgoedsector. Het redactieteam bestaat uit onderzoekers en docenten verbonden aan universiteiten in Nederland en een vertegenwoordiging uit de vastgoedsector.

Over VOGON

De Vereniging van Onroerendgoed Onderzoekers Nederland is het grootste – en enige – netwerk van vastgoedonderzoekers. VOGON stimuleert de verdieping en uitwisseling van kennis op het gebied van de economische analyse van onroerend goed. Hiertoe organiseert VOGON sinds 1991 evenementen om betrokkenen in het vastgoed bijeen te brengen en wordt gedegen onderzoek gepubliceerd in het tijdschrift Real Estate Research Quarterly.

Redacteur van Real Estate Research Quarterly dr. Hilde Remøy is per 1 maart 2025 benoemd tot hoogleraar Real Estate Management bij de afdeling Management in the Built Environment. Centraal in haar onderzoek en onderwijs staat transformatie van bestaande gebouwen. Transformatie is essentieel om een duurzame gebouwde omgeving te realiseren die aansluit bij de Europese doelstellingen voor 2050. Voor RERQ werkt ze op dit moment aan een thema-editie over de circulaire economie.  

Remøy definieert transformatie als ‘elke interventie om een gebouw te herbestemmen, aan te passen, te hergebruiken, of te upgraden zodat het past bij nieuw gebruik, nieuwe omstandigheden of eisen’. Ze ziet drie hoofdcomponenten van toekomstbestendig vastgoedonderzoek. Dat zijn de gebruikswaarde, de vastgoedwaarde en het hergebruik en levenscyclusdenken. Het combineren van deze drie componenten maakt haar onderzoek uniek en draagt bij aan de interdisciplinariteit ervan, aangezien elk van deze componenten meestal wordt bestudeerd in monodisciplinaire instituten.

Onderwijs

Hilde Remøy is betrokken bij het bachelor- en masteronderwijs van haar faculteit. Haar motto is ‘gemotiveerde studenten leren beter’. “Ik help studenten bij het ontwikkelen van analytische en probleemoplossende vaardigheden, zodat ze onafhankelijke, zelf reflecterende, ontwerpdenkende ingenieurs worden die wetenschappelijke nauwkeurigheid toepassen in hun werk. Voor mij is het belangrijk om onderzoek en praktijk te koppelen.” In het vernieuwde BSc-curriculum geeft ze mede leiding aan het BSc-leerlijn ‘Maatschappij’. De toegang tot nieuw onderzoek en het deel uitmaken van de ontwikkeling van nieuwe kennis motiveert masterstudenten in hun afstudeeronderzoek. Haar betrokkenheid bij de MSc-thesisstudenten draagt ook bij aan de ontwikkeling van haar eigen onderzoeksveld.

Onderzoeksprojecten en samenwerking

Hilde Remøy heeft verschillende onderzoeksprojecten binnengehaald, geleid en uitgevoerd, zoals de door de Europese Commissie gefinancierde onderzoeksprojecten QuiVal, Circular Building Convert, Reincarnate, REPAiR en aan langlopende nationale onderzoeksprojecten, bijvoorbeeld voor gemeentes, provincies en het Rijksvastgoedbedrijf. Daarnaast is ze lid van de redactieraad van diverse wetenschappelijk tijdschriften waaronder Property Management en Journal of Sustainable Real Estate

Op 13 maart is em. professor Ed Nozeman op 82-jarige leeftijd overleden. Hij was in vele opzichten een uniek wetenschapper die een grote bijdrage aan het vakgebied heeft geleverd. Maar bovenal was hij aimabel en integer persoon.

Unieke onderzoeker

Als iemand een brug tussen wetenschap en praktijk heeft geslagen dan is dat Ed Nozeman wel. Zijn jonge jaren stonden in dienst van de wetenschap. Zestien jaar was hij universitair hoofddocent planologie aan de UvA. Daarna klopte MBO, het later ING Real Estate Development op zijn deur en gaf hij ook weer zestien jaar leiding aan hun onderzoeksteam. Die ervaring in zowel de wetenschap als in de praktijk leidde in 2000 tot zijn benoeming als bijzonder hoogleraar vastgoedontwikkeling aan de rijksuniversiteit Groningen en een gasthoogleraarschap bij de Amsterdam School of Real Estate. Weinigen binnen de universitaire muren hadden zoveel praktijkervaring als Ed en weinig praktijkonderzoekers konden bogen op zo’n stevige academische basis. Dat maakt hem letterlijk en figuurlijk een bijzonder(e) hoogleraar.

Wetenschapper bij grootste ontwikkelaar

Bij ING RED heeft hij de opkomst en ondergang van werelds grootste ontwikkelaar en assetmanager van nabij meegemaakt. Vlak na zijn indiensttreding zei hij nog dat hij even moest ontdekken wat ze precies van hem wilden horen. Maar toen dat eenmaal duidelijk was schakelde hij door naar een enorme productie van onderzoeksrapporten. Hij noemde het zelf, in zijn kenmerkende bescheidenheid, marktonderzoek. Maar feitelijk ging een project bij ING alleen door als hij groen licht had gegeven.

Die functie bij ING maakte hem een nog grotere wereldreiziger dan hij al was. Vele steden heeft hij bezocht en grondig bestudeerd. Op die reizen gingen zijn collega-projectontwikkelaars aan het eind van de dag gezellig de betreffende stad verkennen. Maar Ed ging na een diner terug naar het hotel om verder te werken. Dat tekende niet alleen zijn oerdegelijke werkwijze, maar ook zijn nieuwsgierigheid. Als geograaf wilde hij doorgronden hoe de lokale markten en levenswijze in elkaar staken.

Hoogleraar in Groningen

In 2000 werd Ed bijzonder hoogleraar vastgoedontwikkeling aan de RUG. Daar kwam hij goed tot zijn recht als wetenschapper die studenten ook kon vertellen hoe het er in de complexe praktijk van gebieds- en vastgoedontwikkeling aan toe ging. Dat is hij na zijn pensionering nog zeventien jaar blijven doen, als emeritus-hoogleraar. Tot op de dag van zijn overlijden maakte hij elke donderdag de lange treinreis naar Groningen. Hij is veruit de oudste hoogleraar die ooit op de loonlijst van de RUG heeft gestaan met als resultaat dat de RUG de hofleverancier van jong talent in de sector is geworden.

Voorzitter VOGON

Tussen 1998 en 2005 was Ed voorzitter van de VOGON. In zijn periode transformeerde het clubblad VOGON-journaal naar het volwassen wetenschappelijk tijdschrift RERQ. Indertijd is die professionaliseringsslag samen met PropertyNL gemaakt. Maar de inhoudelijke onafhankelijkheid werd door Ed scherp bewaakt.

Lange derde carrière

Naast zijn hoogleraarschap in Groningen was Ed ook gasthoogleraar bij de ASRE. Na zijn pensionering bij ING in 2005 werd hij Honory Fellow van dit instituut. Ed was veel te bescheiden om met deze meer dan verdiende titel te pronken. Ook had hij niets met pensionering. Sterker nog, de combinatie RUG en ASRE werd de langste periode in zijn carrière. Tot op het laatst, op 82-jarige leeftijd, was hij elke vrijdag bij de ASRE. Meestal als eerste in de ochtend. Bijzonder was zijn werklust op de lange dagen die hij maakte. Hij had het vermogen om een hele dag scherp te blijven. Waar anderen op een lange werkdag weleens wegzakten, bleef hij scherp. Ik heb vaak met hem in de jury van een scriptieprijs gezeten. Hij las alle genomineerde scripties van A-Z, hoewel die vaak maar een paar dagen voor de buluitreiking beschikbaar kwamen. En hij haalde er elk foutje of omissie uit. Ook taalfouten, waar hij zich erg aan kon ergeren. Zijn medejuryleden was hij de baas in degelijkheid.

Grote betekenis voor de Vastgoedkunde

Zijn bijdrage aan het vakgebied is enorm geweest. Te veel om op te noemen. Het bekendst is hij als auteur van het handboek projectontwikkeling. Naast verplicht studiemateriaal was dat ook een naslagwerk voor professionals. Zelfs ervaren ontwikkelaars zagen vanwege de complexe processen en de multidisciplinaire vraagstukken soms door de bomen het bos niet meer. Het handboek bood hun houvast. Nu is de inhoud van Ed’s handboek standaardkennis voor elke professional, maar indertijd was hij de eerste die een duidelijke samenhang wist te beschrijven in een versnipperd vakgebied.

Minder opvallend, maar niet minder groot was zijn invloed op de professionalisering van het vakgebied door het begeleiden van vele honderden scripties. Vooral die van postacademische studenten van de ASRE. Hij daagde hen uit hun al ruime kennis te verdiepen en de data en ervaringen van hun werkgever te benutten. Als geboren wetenschapper moest dat wel op grondig onderzoek worden gebaseerd. Veel van die oude scripties bevatten nuttige kennis en inzichten voor concullega’s waardoor juist scripties het vak weer een stapje verder brachten.

Ethiek en integriteit

Het laatste onderzoek van Ed bij de ASRE heeft als passende titel ‘Over dilemma’s gesproken, een verkenning van integriteitsdilemma’s in de vastgoedsector’.

Niets lag dichter bij zijn persoonlijkheid dan dit vraagstuk. Hij was ook de aangewezen persoon om dit onderzoek uit te voeren. Voor dit onderzoek heeft hij 35 beslissers in de sector geïnterviewd. Door zijn bescheidenheid kreeg hij meer te horen dan je redelijkerwijs kon verwachten. De geïnterviewden wisten dat hun informatie bij hem goede handen was. Buiten twijfel stond dat hij hier objectief en integer mee om zou gaan. Iedereen die hem kende, wist dat hij geen sensatie, eer of glorie zocht. Zijn drijfveer was het vakgebied met nieuw onderwijsmateriaal over ethische dilemma’s een beetje integerder te maken. Gelukkig kon hij vlak voor zijn overlijden dit onderzoek nog afronden. Binnenkort brengt de ASRE dit rapport uit.

Bovenal een aimabel mens

Met zijn overlijden verliezen we een betrokken en oprecht mens. Zonder uitzondering was hij een prettige collega voor iedereen met wie hij heeft gewerkt. En hij was een kritische, maar altijd correcte begeleider van studenten. Kritiek van hem werd altijd geaccepteerd doordat het immer goed was onderbouwd.

Leo Uittenbogaard

In dit themanummer steekt Real Estate Research Quarterly de thermometer in de kantorenmarkt. Na decennia van groei is de kantorenmarkt verzadigd. Real Estate Research Quarterly is het kwartaalblad van de Vereniging van Onroerendgoedonderzoekers Nederland (VOGON).

Die verzadiging komt door de voltooiing van de verdienstelijking van de economie. Hierdoor is er nu sprake van een vervangingsmarkt. De trend van het toenemende thuiswerken heeft zich na Covid definitief doorgezet. Dat heeft grote gevolgen voor de vraag naar kantoorruimte en daarmee met de prijzen en investeringsbereidheid van beleggers.

Vraag naar kantoorruimte daalt

De editie opent met een perspectiefbijdrage van Marcel Storms en Joris Winters. De kantorenmarkt is sinds de jaren negentig drastisch veranderd door flexibel werken en digitale workflows. De Covid-pandemie versnelde deze trend, waardoor de vraag naar kantoorruimte verder daalt.

Kantoorvraag vooral in grote steden

Gertjan Slob analyseert de huidige trends op basis van een uitgebreide database van de Nederlandse kantorenmarkt. De vraag naar kantoorruimte concentreert zich steeds meer in de grote steden. Daarmee volgen bedrijven schaarser wordende werknemers naar hun favoriete woonplaatsen.

Gezonde werkplek maakt productiever

De slag om de werknemer speelt ook in het artikel van Lisanne Bergefurt. Zij onderzocht de gezondheid op de werkplek. Werkgevers hebben belang bij een fijne werkomgeving om ervoor te zorgen dat de werknemer zo productief mogelijk is.

Bedrijven passen vastgoedstrategie aan

Henk-Jan Hoekjen, Bartele Hoekstra en Gijs Brouwers beschrijven de invloed van het hybride werken op de vraag naar kantoormeters. Thuiswerken heeft de vraag drastisch verminderd, wat resulteert in een daling van huurprijzen met 15 procent en een stijging van de leegstand tot 20 procent. Deze verschuiving bedrijven de unieke kans hun vastgoedstrategie te herzien.

Amsterdams kantoor nauwelijks liquide

Willem Vlaming en Dorinth van Dijk bezien de Amsterdamse kantorenmarkt vanuit een internationaal beleggingsperspectief met een focus op marktliquiditeit. De kantorenmarkt in Amsterdam heeft sinds 2017 te maken met een dalende liquiditeit. Dit betekent dat verkopers en kopers nog flink wat water bij de wijn moeten doen om tot transacties te komen. Tot die tijd zal het transactievolume gering blijven.

Kantorenmarkt VS: vraagprijs stabiel, effectieve huur daalt

Stefan Weiss, Christina Tong, Dennis Schoenmaker en Frank Verwoerd bieden inzicht in de waardering op de Amerikaanse kantorenmarkt. Ook hier kampt de markt met de gevolgen van hybride werken en monetaire verkrapping. De effectieve huren zijn gedaald, terwijl vraagprijzen stabiel bleven. Dit geeft Europese investeerders die minder bekend zijn met de Amerikaanse markt een vertekend beeld. Een nauwkeurige evaluatie van toekomstige kasstromen is essentieel om investeringskansen te vergelijken.

Download hier de complete RERQ-editie over de kantorenmarkt.

IVBN en CFA Society Netherlands hielden op dinsdag 15 oktober 2024 hun jaarlijkse researchseminar over de vraag: is de retailsector uit de dip? VOGON-leden waren van harte uitgenodigd het researchseminar kosteloos bij te wonen.

Dagvoorzitter Brigit Gerritsen (Redevco) vroeg Judith Norbart-ten Hoor (IVBN) in hoeverre het Regeerprogramma aandacht heeft voor retail. Dit valt haar erg tegen. Hoewel het Regeerprogramma stelt dat toekomstbestendige leefomgevingen een functiemix nodig hebben om een veilige, prettige en gezonde leefomgeving te zijn, worden er geen concrete investeringen benoemd die dit mogelijk maken.

Ontmoeting en advies

Peter Koppers (Achmea Real Estate) liet zien dat de afgelopen anderhalf jaar consumenten weer vaker naar winkels komen, niet alleen om te kopen, maar ook voor ontmoeting en advies. Koppers belangrijkste boodschap was: ‘Every cloud has a silver lining’. Na een aantal slechte jaren zijn met name de grootste steden en wijkcentra weer interessante beleggingscategorieën. Het koopvolume neemt toe en de leegstand is niet significant gestegen, het percentage ligt rond de 6 procent. Voor institutionele investeerders ligt dit percentage zelfs nog lager, tussen de 2 en 3 procent. Hoewel in kleinere steden de leegstand groter is, kiezen retailers in grootste steden strategisch voor grotere winkels met veel beleving. Daarnaast maken steeds meer online retailers, zoals Fashion Tiger, Mr. Marvis en Pink Gellac bewust de overstap naar de fysieke omgeving en zetten ze vol in op het omnichannelmodel.

Strategisch verplaatsen

Jurn Hoeksema (URW) stelde de kritische vragen die elke winkelbelegger zich zou moeten stellen: ‘Waarom ben je relevant?’ en ‘Wat is jouw toegevoegde waarde?’ Volgens hem ligt de sleutel in het samen ontwikkelen met partners. Daarnaast is het essentieel om proactief de prestatie van winkels te monitoren. Wanneer een winkel goed draait, kan dit aanleiding zijn voor een grotere winkel of een andere plek in het centrum. Het strategisch verplaatsen van de winkel is bij URW dan ook onderwerp van het goede gesprek met de huurder. Daarnaast is de ‘Click & Collect’-strategie, die klanten naar de winkel trekt, succesvol. Klanten besteden vaak meer wanneer ze eenmaal in de winkel zijn. Andere belangrijke elementen die zorgen voor een stijging in de verkoop zijn tegenwoordig entertainment, fitness, food & beverage en health & beauty. Waarbij entertainment de grootste stijger is in de portefeuille van URW.

Pensioen met meerwaarde

René Vierkant (Vierders) richtte zich op de vitale binnenstad van middelgrote steden. Hij ziet juist voor institutionele beleggers kansen om te beleggen in dit soort steden. Zeker wanneer een stad als één geheel wordt gemanaged, vergelijkbaar met een winkelcentrum. Vierkant benadrukte de impact multiplier van het beleggen van pensioenvermogen in onze binnensteden. Naast de mogelijkheid weer een gezond vastgoedrendement te behalen liggen er kansen op het gebied van vergroening, klimaatadaptatie, verduurzaming en energietransitie. Bovendien vormen gezonde Nederlandse binnensteden de plekken waar het pensioen van de deelnemers meerwaarde krijgt. Daar waar de lokale samenwerking op orde is of wordt gebracht, liggen kansen, juist ook voor institutionele beleggers. Misschien niet in de traditionele vorm van retailbelegging, maar meer als integraal impactproduct.

Ingrid Janssen (Avans) sprak over de City Deal XL, een initiatief waarbij tien steden en hun stakeholders, waaronder investeerders, betrokken zijn. Het doel van deze samenwerking is om gezamenlijk oplossingen te ontwikkelen voor de uitdagingen in de winkelgebieden van middelgrote steden.

Is de retail uit de dip?

De conclusie aan het einde van het researchseminar is een voorzichtig ‘ja’, maar wel met de juiste ingrediënten:

  • Investeer met een partner
  • Bekijk vastgoed vanuit een holistisch perspectief: het gaat om het hele (winkel/woon/werk) gebied en niet om één winkelunit
  • Kijk naar de meerwaarde van je binnenstad
  • Maak je winkelgebied duurzaam en toekomstbestendig

Presentaties

Download hier de presentaties van Peter Koppers (pdf) en die van René Vierkant (pdf).

Vijf promovendi van verschillende Nederlandse universiteiten presenteerden tijdens het PhD-event van VOGON op 28 mei 2024 presenteerden hun laatste research op het terrein van vastgoed. Het evenement wordt eens in de twee jaar georganiseerd. Plaats van handeling was de Amsterdam School of Real estate. Vier van de vijf presentaties gingen over de woningmarkt. Eén presentatie behandelde de voorkeuren van kantoorwerkers in de keuze tussen thuiswerken en een werkdag op kantoor. Professor dr. Marc Francke (UvA) en professor Theo Arentze (TU/e) bediscussieerden de presentaties en stelden aanvullende vragen. Daarna beantwoorden de promovendi vragen uit de zaal. De voertaal was Engels, de organisatie in handen van Bas Hilgers en Arjan de Leuw.

Klik hieronder op de link voor de betreffende presentatie.

Jia Ning (VU), List price change and directed buyer search in the housing market

Ning presenteerde een paper dat hij schreef samen met professor dr. Jan Rouwendal over het bepalen van vraagprijzen in de woningmarkt. Woningverkopers staan daarbij voor een dilemma: willen zij snel een koper vinden, of gaan zij voor de hoogste prijs? Een hoge vraagprijs kan een hogere verkoopprijs opleveren, maar daar staat doorgaans een langere verkooptijd tegenover. Ning keek in zijn onderzoek naar de verandering in geïnteresseerde kopersgroepen in relatie tot een verandering in de vraagprijs. Hij gebruikte voor zijn onderzoek een dataset afkomstig van een makelaarsorganisatie die ongeveer de helft van de transacties op de particuliere woningmarkt in Beijing begeleidt. Een verhoging – niet ongebruikelijk in de voorheen overspannen Chinese woningmarkt – of verlaging van de vraagprijs heeft direct gevolgen voor de groepen kopers die interesse in de woning tonen.

Deniz Tuzcuoglu (TU/e), Workplace preferences (at home and at office): A stated choice experiment with two Dutch municipalities

Rosa van der Drift (TU/d), Unraveling the Role of Home Equity in Dynamic Housing Markets

Felipe Dutra Calainho (UvA), Are you sure about that? Prediction Intervals for Automated Valuation Models

Arjan de Leuw (UvA/DNB), Optimistic or pessimistic: Price effect of individual sentiment in the housing market

Simon Verstraten (foto, rechts) is winnaar van de VOGON Research Award 2024 met zijn artikel “Bouwkostenontwikkeling krijgt te weinig aandacht in onderzoek naar de invloed op de woningbouwproductie”, gepubliceerd in het kwartaalblad Real Estate Research Quarterly. 

De VOGON Research Award 2024 werd op 7 mei 2024 in Den Haag uitgereikt tijdens het jaarlijkse symposium over vooruitzichten voor kantoren en bedrijventerreinen, georganiseerd door de Vereniging van Vastgoedonderzoekers Nederland (VOGON). Juryvoorzitter professor dr. Theo Arentze, hoogleraar Vastgoedmanagement en -ontwikkeling aan de Technische Universiteit van Eindhoven, feliciteerde de auteur.

“Het artikel biedt een helder inzicht in de invloed van bouwkostenontwikkeling op de woningbouwproductie, gezien de enorme nieuwbouwopgave een kritiek onderwerp binnen de vastgoedsector. De jury erkent de relevantie van dit onderzoek, omdat het niet alleen de problematiek benoemt, maar ook mogelijke oplossingen en implicaties aandraagt. De heldere en doordachte presentatie maakt het toegankelijk voor zowel vakgenoten als beleidsmakers. Uitmuntend werk op het gebied van vastgoedonderzoek.”

Bouwkosten cruciaal voor haalbaarheid

Uit onderzoek door Verstraten blijkt dat de bouwkostenontwikkeling cruciaal is in de mix van factoren die de haalbaarheid van woningprojecten voor ontwikkelaars bepalen. Er is de afgelopen jaren vaak geconstateerd dat de woningproductie niet snel genoeg reageert op veranderingen in vraag en aanbod. De productie blijkt ook nauwelijks te worden beïnvloed door de ontwikkeling van woningprijzen.

Kostenstijging overtreft toename opbrengst

Een verklaring hiervoor ligt in de stijgende bouwkosten. De ontwikkeling van de prijzen op de woningmarkt alleen zegt niets over de aantrekkelijkheid om nieuwe woningen te realiseren. Op het moment dat de kosten harder stijgen dan de prijs en winstmarges afnemen, wordt het realiseren van nieuwe woningen minder aantrekkelijk, stelt Verstraten. Hij is business lead Cost Management bij ingenieursbureau Arcadis. Het artikel is gebaseerd op zijn afstudeerscriptie voor de Master Real Estate aan TIAS in Tilburg.

Lees hier het artikel uit RERQ

Andere genomineerden

De overige genomineerden voor de VOGON Research Award 2024 waren Vincent Roberdel, Ioulia Ossokina, Vladimir Karamychev en Theo Arentze met hun artikel “Grootschalige evaluatie van de effecten van verduurzaming: inzicht in de verschillen tussen de bewoners en hun gedrag” en Daan van der Hoeven en Mark van Duijn met hun artikel “Verkenning implementatie taxatie-expertise in geautomatiseerde waarderingen in Nederland”. 

De jury

De juryleden van de VOGON Research Award 2024 zijn Theo Arentze, (voorzitter, TU Eindhoven), Aart Hordijk (TIAS Business School), Maarten Jennen (PGGM) en Dick Vos (VMC Invest). Omdat Theo Arentze als coauteur betrokken was bij het artikel van Roberdel heeft hij zich afzijdig gehouden bij de beoordeling van dit artikel. Hij heeft geen stem gehad in de nominatie van dit artikel.

© Copyright 2022 Vereniging van Onroerend Goed Onderzoekers Nederland. Alle rechten voorbehouden. Privacy Verklaring